Ik dacht met de drie Jan-van-Genten in de mist en bovenstaande - eveneens helaas wat mistige - jonge Kuifaalscholver voor de kop van het Zuidelijk Havenhoofd, het gekste van de dag wel gehad te hebben. Mis evenwel. Bij de auto zat deze 'lawaaipapegaai' (zoals Cobi hem omschreef). Of het een ontsnapte is uit Avifauna of van een particulier zullen we nooit weten* denk ik, maar handtam was hij zeker. Bij mijn poging om te kijken of hij een ring droeg, ging hij bijna op mijn vinger zitten, bedacht zich nog net op tijd en koos toch maar voor zijn vrijheid. Gelijk heeft hij!

 

*) P.S.: Het is trouwens een Agapornis Roseicollie (dwergpapegaai) en hij komt niet uit Avifauna, volgens hen.

De Roodkeelduiker uit dit verhaaltje heeft zijn leven te danken aan Thea. Zij zag dat het beestje verstrikt zat in het staandwantnet van de Scheveningen 4, dat al dagen vlak tegen het Noordelijk Havenhoofd aan staat. Rap de Dierenambulance gealarmeerd. Nadat de dienstdoende 'ziekenbroeder' Rutger zich ervan verzekerd had dat het beest nog leefde werd de Brandweer geraadpleegd, die vervolgens de KNRM aan het werk zette. De opgepiepte Scheveningse reddingboot 'Kitty' kwam - in de tijd dat ik op Thea's fiets thuis mijn camera aan het halen was - naar buiten om de vogel op te scheppen en los te snijden. Ik kon nog net het aan boord halen kieken. Thea heeft wat eraan vooraf ging.

Terug bij het KNRM-ponton nam Rutger het slachtoffer van de bootbemanning over voor transport naar vogelasiel De Wulp.

Hopelijk leeft hij nog lang en gelukkig*. Met twee maal dank aan Thea en één maal aan de rest van de betrokkenen.

 

*) P.S. De Roodkeelduiker is op 31 oktober weer - gezond en wel - in vrijheid gesteld. Zie Vincents waarneming.

De Rosse Franjepoot zat mij - ondanks de sombere berichten van Marius - keurig op te wachten zuid van het Zuidelijk Havenhoofd. Precies zoals de meldingen van gisteren luidden. Sterker nog, even later kwam er ook nog een tweede in beeld. Het moet toch niet gekker worden.

 

 

 

Maar dat werd het wél, want ook de Grote Gele Kwikstaart - die Arno had gezien bij de helling - verwachtte niet alleen mijn komst, ook hij had voor een tweede exemplaar gezorgd. (Ze kwamen wél samen op de foto, maar niet om aan te zien. Kijk hier maar.)

 

 

Alleen de Zwarte Roodstaart. Die bleef in z'n eentje en buiten het bereik van de camera. Dat om mij met beide benen op de grond te houden. Had ik kennelijk even nodig!

Het klotste vandaag nog wat na, na de stormachtige wind van gisterenmiddag en vannacht. Op het hoogtepunt daarvan waren alle meeuwen verdwenen en werd de zee beheerst door de échte zeevogels. Ik zag bijvoorbeeld een tiental Jan-van-Genten, wat jagers en volgens mijn bescheiden mening twee Grauwe Pijlstormvogels. Andere soorten vlogen ook wel, maar die kon ik met mijn kijkertje niet op naam brengen. Toch spectaculair; ik had er nog nooit zoveel in zo'n korte tijd gezien!

Vanmiddag - want daar gaat dit verhaaltje eigenlijk over - wist ik op aanwijzing van Piet een vrouwtje Zwarte Zee-eend vast te leggen dat tussen de havenhoofden verzeild was geraakt en op aanwijzing van André een volwassen Jan-van-Gent die voor de koppen de geul overstak. Een magere oogst, maar toch leuk. De foto's die ik - voordat ik letterlijk overspoeld werd - maakte van een vijftal Drieteenstrandlopers waren helaas overbelicht en bewogen. Maar gelukkig heb ik van die soort al aardig wat prentjes.

De pakketbezorger heeft zich er vast een breuk aan gesjouwd, maar gisteren stond hij voor mijn deur, het indrukwekkende boek Nederlandsche Vogelen van Nozeman en Sepp. 816 Pagina's van 35 x 55 cm en inclusief draagdoos zo'n 11 kg zwaar. Onbegrijpelijk hoe Uitgeverij Lannoo deze wonderschone facsimile van het oorspronkelijk uit 5 delen bestaande werk voor zo weinig geld op de markt kan brengen.

Je hebt er trouwens wel een grote boekenkast en een dito tafel voor nodig, anders moet je dagen lang op de grond zitten genieten!

Ik heb de eerste twee delen nu doorgebladerd en ben uiterst enthousiast. Ik hoop dat ik lang genoeg leef en dat het daarbij dan ook nog eens vaak genoeg regent om alles te kunnen lezen, want er staat een schat aan informatie in. Zeer goed bruikbaar ook ter lardering van mijn vogelbelevenissen.

Misschien zag je het desbetreffende item in De wereld draait door - waarin ook Pieter van Vollenhoven en Nico de Haan acteerden - of hoorde je op Radio 1 wat Midas Dekker er over te melden had, dan vertelde ik je hierboven niks nieuws. Sorry in dat geval.

 

De originele - met de hand ingekleurde - uitgave is tot en met 3 januari 2015 te bewonderen in Museum Meermanno, te zamen met honderden andere bijzondere en zeldzame vogelboeken in de tentoonstelling Duizend jaar vogels in honderden boeken. Daar moet ik binnenkort zeker naar toe. Ook hiervoor: hopen op slecht weer dus!

 

P.S.

Arno tipte mij over een tweetal lezingen (exclusief voor leden van de Vogelbescherming Nederland) die in de Koninklijke Bibliotheek worden gehouden naar aanleiding van het uitkomen van het boek, met aansluitend een bezoek aan de tentoonstelling.

Achter de Tholen 10 kwamen minstens vijf jonge Jan-van-Genten mee. Ik concentreerde mij op het ene exemplaar dat aanstalten maakte om mee naar binnen te vliegen. En jawel; goed gegokt dit keer. Hij haakte pas op een fotografeerbare afstand af. Dank.

Na de pauze trof ik op de Hellingweg, naast Arno, ook weer de Zwarte Roodstaarten. Dit keer kon ik het mannetje wél vereeuwigen. Geen topprentjes, maar herkenbaar en dat was meer dan gisteren.